Abstract redeneren tijdens programmeerlessen
Digitale vaardigheden is een belangrijk en nieuw
onderwijsgebied in het basisonderwijs. Onderdeel
hiervan is computational thinking, wat leerlingen helpt
bij het oplossen van problemen door elementen uit de
informatica te gebruiken. Abstractie speelt hierbij een
belangrijke rol. Abstractie is een complex concept. Onze
inspanningen hebben ertoe geleid dat het makkelijker
wordt om abstractie te herkennen en observeren, aan
de hand van abstractielagen. Hiermee kunnen leerlingen
op het juiste moment adequate ondersteuningen
krijgen. We bespreken twee onderzoeken: in het eerste
onderzoek hebben we observeerbaar gedrag gekoppeld
aan abstractie, en in het tweede onderzoek hebben we
bovenbouwleerlingen laten programmeren en daarin
ook de link gelegd met abstractie. Tijdens het tweede
onderzoek hebben we gebruikgemaakt van PRIMM,
een lesopzet specifiek voor programmeerlessen in het
basisonderwijs, die gezien kan worden als een vorm van
structuur en scaffolding. Uit beide onderzoeken komen
interessante uitkomsten: patronen in hoe leerlingen op
verschillende abstractielagen redeneren en hoe leerlingen
elkaar kunnen beïnvloeden. Aan de hand van een aantal
voorbeelden lichten we de resultaten nader toe. We zijn
nog niet klaar, want de uiteindelijke stap is kijken hoe een
leerkracht een interventie kan toepassen in dit proces. We
hebben met onze onderzoeken wel een duidelijke richting
in hoe we die interventie kunnen vormgeven.
Licence: Creative Commons Attribution Non Commercial Share Alike 4.0 International
Keywords: structuur bieden, scaffolding, pedagogisch-didactische strategieën, academisch presteren
Activity log
